1827 · Polstead, Suffolk, Engeland
De Droom Die Haar Stiefmoeder naar het Graf Leidde
In 1827 verdwijnt Maria Marten na een geheime afspraak in de Rode Schuur. Maanden later leidt een terugkerende droom haar stiefmoeder naar een ondiep graf, en naar een van Engelands beroemdste moordzaken.

Het dorp Polstead, in het glooiende graafschap Suffolk in het oosten van Engeland, telde in 1827 nog geen duizend inwoners. Het was het soort plek waar iedereen elkaars naam kende, waar de kerkklok het ritme van de dag bepaalde, en waar een schuur met een rood pannendak aan de rand van een korenveld een herkenningspunt was dat geen nadere uitleg behoefde. De bewoners noemden hem simpelweg de Red Barn. Het was een opslagplaats voor graan, een plek waar boeren hun gereedschap stalden, en soms, als de avond viel en het dorp stil werd, een ontmoetingsplek voor geliefden die niet gezien wilden worden.
Maria Marten was 25 jaar oud en de dochter van Thomas Marten, een mollenvanger. Haar moeder was overleden toen Maria nog jong was, en haar vader was hertrouwd met een vrouw die eveneens Ann heette. Maria had al een bewogen leven achter de rug voor iemand van haar leeftijd. Ze had een kind gekregen van een man genaamd Thomas Corder, maar dat kind was jong gestorven. Daarna had ze een relatie gehad met Peter Matthews, een andere man uit de omgeving, en ook uit die verbintenis was een kind geboren. Maar het was de jongere broer van Thomas Corder: William Corder, die uiteindelijk de man werd met wie Maria's lot onlosmakelijk verbonden raakte.
William Corder was de zoon van een relatief welgestelde boerenfamilie uit Polstead. Hij was geen arbeider met eeltige handen, maar een jongeman die zich kleedde als iemand van stand, die praatte over toekomstplannen en ambities die groter waren dan het dorp waarin hij was opgegroeid. Hij en Maria kregen samen een kind, maar ook dat kind stierf kort na de geboorte. De omstandigheden van dat overlijden zouden later vragen oproepen, maar in het voorjaar van 1827 leek er voor de buitenwereld maar één ding van belang: William en Maria zouden gaan trouwen.
Dat was althans wat William beweerde.
Er was een probleem. Maria had een buitenechtelijk kind, het kind van Peter Matthews leefde nog, en in het Engeland van de jaren 1820 was dat een bron van schande. Er bestonden wetten die ongehuwde moeders konden bestraffen, en er deden geruchten de ronde dat de kerkelijke autoriteiten Maria zouden vervolgen wegens haar ongetrouwde moederschap. William Corder bood een oplossing: ze zouden samen weglopen. Elopen, noemden ze dat. Ze zouden naar Ipswich gaan, daar trouwen, en een nieuw leven beginnen, weg van de roddels en de schande.
Op 18 mei 1827 maakte Maria zich klaar om te vertrekken. William had haar gevraagd om mannenkleding aan te trekken, een vermomming, zei hij, zodat niemand haar zou herkennen als ze samen het dorp verlieten. Het was een vreemd verzoek, maar Maria stemde in. Ze trok een broek en een jas aan, nam afscheid van haar stiefmoeder Ann, en liep in de richting van de Red Barn, waar William op haar zou wachten.
Het was het laatste moment dat iemand in Polstead Maria Marten levend zag.
De dagen na haar vertrek verliepen zonder alarm. William Corder verscheen nog in het dorp en vertelde aan iedereen die het wilde horen dat Maria en hij waren vertrokken, dat ze veilig was, dat ze inmiddels op het Isle of Wight woonden en getrouwd waren. Thomas Marten, Maria's vader, had geen reden om te twijfelen. William was immers de vader van Maria's overleden kind, een man uit een gerespecteerde familie. Als hij zei dat Maria veilig was, dan was Maria veilig.
Maar de weken werden maanden, en Maria schreef niet.
William had daar een verklaring voor. Maria was ziek, zei hij. Ze kon niet schrijven. Of: ze hadden het druk met de verhuizing. Of: de post was onbetrouwbaar. Telkens als Thomas Marten of zijn vrouw Ann vroegen wanneer ze iets van Maria zouden horen, had William een nieuw excuus. En telkens als het excuus begon te slijten, stuurde William een brief. Niet van Maria zelf, maar namens haar, in zijn eigen handschrift, met de mededeling dat het goed ging en dat ze snel zou schrijven.
De brieven kwamen uit Londen. William Corder was namelijk niet naar het Isle of Wight gegaan. Hij was naar Londen vertrokken, alleen, en had daar een nieuw leven opgebouwd. Hij plaatste een advertentie in een krant: The Times, volgens sommige bronnen, of de Morning Herald, waarin hij zichzelf presenteerde als een welgestelde vrijgezel die op zoek was naar een echtgenote. Een vrouw genaamd Mary Moore reageerde op de advertentie. Ze runden samen een klein pension in de wijk Ealing, en in het najaar van 1827 trouwden William Corder en Mary Moore.
Terwijl William in Londen een nieuw huwelijk begon, lag Maria Marten begraven onder de vloer van de Red Barn in Polstead. Haar lichaam was in een zak gestopt en bedekt met aarde, op de plek waar normaal graan werd opgeslagen. Niemand had reden om in de schuur te graven. Niemand had reden om te zoeken.
Bijna een jaar lang bleef het stil.
Wat er in de winter van 1827 op 1828 precies gebeurde in het huishouden van Thomas en Ann Marten is het onderdeel van deze zaak dat het moeilijkst te verifiëren valt, en tegelijkertijd het onderdeel dat de zaak wereldberoemd zou maken. Ann Marten, Maria's stiefmoeder, begon te spreken over dromen. Terugkerende dromen. Dromen waarin Maria niet op het Isle of Wight woonde, niet gelukkig getrouwd was, niet veilig was, maar dood. Vermoord. Begraven in de Red Barn.
De precieze inhoud van die dromen, het aantal keren dat Ann ze had, de exacte bewoordingen die ze gebruikte, dat alles is in de twee eeuwen sinds de gebeurtenissen aangedikt, verfraaid en herschreven door tientallen schrijvers, toneelmakers en balladenzangers. Wat vaststaat, is dit: Ann Marten vertelde haar man Thomas dat ze ervan overtuigd was dat Maria in de Red Barn lag. En Thomas Marten, de mollenvanger die zijn hele leven met een schep in de grond had gewerkt, besloot te gaan graven.
Het was 19 april 1828. Elf maanden na Maria's verdwijning.
Thomas Marten liep die ochtend van zijn huis naar de Red Barn. De schuur stond aan de rand van een veld, een paar honderd meter van de dichtstbijzijnde huizen. Het rode pannendak was zichtbaar vanaf de weg, maar de binnenkant van de schuur was donker en stoffig, gevuld met de geur van oud graan en vochtig hout. Thomas had zijn schep meegenomen, hetzelfde gereedschap waarmee hij dagelijks mollengangen opgroef.
Hij begon te graven op de plek waar het graan was opgeslagen. De grond was losser dan hij had verwacht. Na een paar spadesteken stootte het metaal op iets zachts. Thomas groef verder, voorzichtiger nu, en binnen enkele minuten werd de rand van een juten zak zichtbaar. De stof was donker verkleurd en vochtig. Thomas trok de zak open.
De geur die vrijkwam was onmiskenbaar. In de zak lagen de stoffelijke resten van een vrouw. Het lichaam was sterk ontbonden, elf maanden in de vochtige Suffolk-grond hadden hun werk gedaan, maar er waren nog genoeg kenmerken herkenbaar om te weten dat dit geen vreemde was. Thomas Marten stond in de Red Barn en keek naar wat er over was van zijn dochter.
Hij liet de schep vallen en rende terug naar het dorp.
Binnen uren was heel Polstead in rep en roer. De lokale constable werd gewaarschuwd, en er werd een formeel onderzoek ingesteld. Het lichaam werd uit de grond gehaald en naar de Cock Inn gebracht, het dorpscafé dat dienstdeed als locatie voor de lijkschouw, het zogenaamde inquest. In het Engeland van 1828 was een inquest een openbare procedure, geleid door een coroner, waarbij getuigen werden gehoord en een jury moest vaststellen wat de doodsoorzaak was.
De identificatie van het lichaam was cruciaal. Maria's zus, die eveneens Ann heette, werd gevraagd om de resten te bekijken. Ondanks de verregaande ontbinding waren er details die alleen een familielid kon herkennen. Een van de meest doorslaggevende was Maria's gebit: ze miste een tand, en in de kaak van het lichaam ontbrak precies dezelfde tand op precies dezelfde plek. Haar zus identificeerde het lichaam als dat van Maria Marten.
Lees en luister verder
Dit verhaal, en de hele bibliotheek
Met Onverteld lees en beluister je elk verhaal volledig, meteen en zonder wachten. Probeer 7 dagen alles voor € 0,99.
Liever eerst horen hoe het klinkt? Beluister twee minuten van dit verhaal.