ONVERTELD
← Alle verhalen

1955 · Denver, Verenigde Staten

Daisies Koffer, 44 Doden: Jack Stond op de Grond

In 1955 sluit Jack Gilbert Graham een bom in de koffer van zijn moeder. United Flight 629 ontploft boven Colorado; 44 mensen sterven. De zaak wordt een keerpunt in forensisch bomonderzoek en luchtvaartbeveiliging.

15 min lezenUnited Flight 629Jack Gilbert GrahamVliegtuigbom

Op de avond van 1 november 1955 stond een 23-jarige man in een nette zondagse colbert op Stapleton Airport in Denver, Colorado. Hij heette Jack Gilbert Graham. In zijn rechterhand hield hij een kop koffie. In zijn linkerhand een handvol kwartjes. Zijn moeder, Daisie King, 53 jaar oud, liep op dat moment het gangpad in van United Air Lines Flight 629, een Douglas DC-6B met registratienummer N37559. Het toestel zou via Portland doorvliegen naar Seattle. Daisie had een harde Samsonite koffer bij zich. Die koffer had Jack eerder die dag voor haar ingepakt.

Wat Daisie niet wist, wat niemand op dat vliegtuig wist, was dat haar zoon 25 staven dynamiet, twee elektrische slaghoedjes, een 6-volt autobatterij en een kloktimer van 90 minuten in die koffer had verstopt, gewikkeld in bruin plakband en vastgebonden met vier meter touw.

Jack Graham had de bom niet voor zichzelf gebouwd. Hij had geen ticket. Hij zou niet meevliegen. Hij had de bom gebouwd voor een vliegtuig dat zijn moeder zou dragen, en hij had precies uitgerekend wanneer het ding af zou gaan: ergens boven de uitgestrekte bietenvelden van noordelijk Colorado, hoog genoeg dat niemand het zou overleven.

Terwijl Daisie haar stoel zocht in de cabine, liep Jack terug naar de terminal. Hij stopte bij een glimmende metalen automaat van Mutual of Omaha, een zogenaamde Tele-Trip-machine. In de jaren vijftig stonden deze apparaten op vrijwel elke Amerikaanse luchthaven. Reizigers wierpen er kwartjes in en kregen er een vliegverzekeringspolis voor terug. Jack voerde zes keer munten in. Zes polissen. Totale waarde: $37.500. Begunstigde: hijzelf. Verzekerde: zijn moeder.

Er was één probleem. Daisie King had de polissen niet ondertekend. Zonder haar handtekening waren ze juridisch waardeloos. Jack wist dat niet, of het kon hem niet schelen. Hij vouwde de papieren op, stak ze in zijn binnenzak en liep naar de koffiehoek bij de gate, waar zijn vrouw Gloria met hun peuterzoontje op hem wachtte.

Om 18:52 Mountain Standard Time begon Flight 629 aan de taxiprocedure richting runway 8R. Aan boord zaten 39 passagiers en 5 bemanningsleden. Kapitein Lee H. Hall, een ervaren piloot, zat links in de cockpit. First Officer Donald White rechts. Flight Engineer Samuel Arthur monitorde de instrumenten. Stewardessen Peggy Peddicord en Jacqueline Hands maakten zich klaar om het avondeten te serveren, het was een avondvlucht, en de passagiers verwachtten een warme maaltijd.

Om 18:56 meldde kapitein Hall via de radio dat hij de Denver Omni was gepasseerd en klom naar zijn toegewezen hoogte. Het was de laatste keer dat iemand zijn stem hoorde.

Zeven minuten later, om 19:03, zat het toestel op ongeveer 4.000 voet hoogte. De autopiloot was ingeschakeld. Kapitein Hall had net om koffie gevraagd. Peggy Peddicord liep door het gangpad met een dienblad. In de cabine zaten zakenmensen, een militaire echtgenote, een baby van dertien maanden, een assistent van president Eisenhower, 39 mensen met 39 verschillende bestemmingen.

Toen ging de timer af.

De explosie begon in bagageruim nummer 4, aan de onderkant van de romp, precies waar de Samsonite koffer van Daisie King was ingeladen. 25 staven dynamiet, genoeg om een gebouw neer te halen, ontbrandden gelijktijdig. De kracht van de detonatie scheurde de aluminium rompwand van binnenuit open. De zijpanelen van het bagageruim werden naar buiten geperst. De vloer van de passagierscabine barstte in stukken.

In de cockpit voelde kapitein Hall een schok zo hevig dat zijn stoel omhoog werd geslagen tegen het plafond. Zijn handen verloren het stuur. Nog voordat hij kon begrijpen wat er gebeurde, schoot een zuil van vuur door de opening in de romp naar binnen. De luchtdruk in de cabine verdween in een fractie van een seconde. Alles wat niet vastgeschroefd zat, serviesgoed, koffers, mensen, werd de lucht in geslingerd.

Het middengedeelte van de DC-6B brak open als een ei. De rechtervleugel scheurde los. Beide motoren aan de rechterkant werden van hun ophangpunten gerukt en vielen vrij. Brandstof uit de gescheurde tanks ontvlamde onmiddellijk, een tweede explosie, groter dan de eerste, verlichtte de avondhemel boven Longmont.

Op de grond, ruim acht mijl ten oosten van het stadje, waren de boerenfamilies Hopp en Brubaker bezig met de suikerbietenoogst. Conrad Hopp stond in zijn schuur toen hij een klap hoorde die alle ramen deed trillen. Hij rende naar buiten en keek omhoog. Aan de hemel zag hij twee felle lichtsporen naar beneden vallen, gevolgd door een flits die de onderkant van de wolken oranje kleurde. "We hoorden een luide explosie die alle ramen in het huis deed schudden," vertelde hij later. "We draaiden ons om en hoorden het geroffel van motoren, toen wist je dat het een vliegtuig was, en een vuurbal die door de lucht vloog."

Enkele honderden meters verderop stond Daisy Brubaker met haar man bij het raam van hun boerderij op de Heil Farm. Ze zag het middenstuk van het vliegtuig recht op hun huis afkomen. "Het leek alsof het ons huis zou raken," herinnerde ze zich. "We stonden doodsbang stil. Het landde een paar meter verderop."

Wat volgde duurde minder dan vijftien seconden. Stukken romp, motordelen, stoelen en menselijke resten regende neer over een gebied van meer dan zes vierkante mijl. Ooggetuigen beschreven kleine, witgloeiende metaalstukjes die als een vuurwerksalvo door de lucht dwarrelden. De staartsectie, merkwaardig genoeg bijna intact, sloeg rechtop in de modder, met het roer en de stabilisator nog vastgeklonken. De rest van het toestel was onherkenbaar.

Conrad Hopp sprong op zijn tractor, reed een akker over, parkeerde en klauterde over een hek. In het licht van zijn koplampen zag hij een losgescheurd vliegtuigstoeltje in het veld liggen. Er zat nog een passagier in vastgegespt. "Mijn maag zakte naar mijn knieën," zei hij.

Zijn broer rende intussen richting de vlammenzee en riep achterom dat Conrad dekens en jassen moest halen. Het was een kille novemberavond. De maan scheen helder, de lucht was kraakhelder, en de temperatuur daalde snel. De boeren die als eersten bij het wrak aankwamen, hadden geen handschoenen, geen bescherming, niets, alleen het besef dat er misschien iemand te redden viel.

Er viel niemand te redden. Alle 44 inzittenden waren op slag dood.

Vanuit Longmont en Greeley mobiliseerden politie, brandweer en ambulances zich. Politiechef Keith Cunningham van Longmont sloeg een veiligheidscordon rondom het wrakveld. Een helikopter van Lowry Air Force Base landde op de prairie en richtte zijn zoeklicht op de verspreid liggende brokstukken. In Greeley werd het Nationale Garde-arsenaal omgebouwd tot een geïmproviseerde morgue. FBI-vingerafdrukexperts vlogen in vanuit Washington. Universiteitsartsen uit Denver reden door de nacht naar het noorden.

De hele nacht werkten vrijwilligers, boeren, soldaten, politieagenten, in de vrieskou om stoffelijke resten en wrakstukken te verzamelen. Elk stuk werd genummerd en toegewezen aan een gridvak op een kaart. De geur op het veld was scherp en chemisch, anders dan bij een gewone vliegtuigcrash. Onderzoekers merkten het onmiddellijk op: een doordringende lucht van buskruit, zwavel, iets dat rook als vuurwerk. Het was een geur die niet thuishoorde bij kerosine en aluminium.

Op 2 november, de dag na de crash, stuurde de Civil Aeronautics Board een verzoek naar de FBI: stuur een laboratoriumexpert naar de crashlocatie. Tussen 2 en 7 november onderzochten technici van United Air Lines, Douglas Aircraft Corporation en de FBI samen het wrak. Ze zochten naar een mechanische oorzaak, een motorstoring, een brandstoflek, een structureel defect. Ze vonden niets. De motoren functioneerden normaal. De brandstoflijnen waren intact geweest vóór de explosie. De elektrische systemen vertoonden geen afwijkingen.

Wat ze wél vonden, was iets dat nog nooit eerder in de Amerikaanse luchtvaartgeschiedenis was aangetroffen. De zijwanden van bagageruim nummer 4 waren naar buiten geperst, niet naar binnen, zoals bij een structurele breuk. De vloer erboven was in stukken uiteengereten. En overal in de resten van dat specifieke bagageruim zat een grijs-wit residu dat chemici identificeerden als natriumcarbonaat, nitraat en zwavelverbindingen. Het was de chemische vingerafdruk van dynamiet.

Lees en luister verder

Dit verhaal, en de hele bibliotheek

Met Onverteld lees en beluister je elk verhaal volledig, meteen en zonder wachten. Probeer 7 dagen alles voor € 0,99.

Liever eerst horen hoe het klinkt? Beluister twee minuten van dit verhaal.

Je hoorde de eerste 2 minuten.

Het hele verhaal duurt 20 min. Met Onverteld luister je alles af, en staat je hele bibliotheek meteen open. Al lid? Log in

Probeer 7 dagen voor € 0,99

Daisies Koffer, 44 Doden: Jack Stond op de Grond

0:002:00 / 19:31