1997 · San Antonio / Linares, Verenigde Staten / Spanje
De Fransman Die Drie Jaar als Vermiste Texaan Doorging
In 1997 werd een vermiste Texaanse tiener ‘teruggevonden’ in Spanje. De familie haalde hem op, maar de jongen had een ander accent, andere ogen en een ander verleden. Het bedrog hield maanden stand.

Op een ochtend in oktober 1997 ging in een politiebureau in het Spaanse stadje Linares de telefoon. Aan de lijn was een medewerker van een lokale jeugdopvang. Er was een tiener gevonden, zei hij. De jongen sprak geen Spaans. Hij was bang, verward, en beweerde Amerikaans te zijn. Hij zei dat hij Nicholas Patrick Barclay heette, dat hij 16 jaar oud was, en dat hij al jaren vermist was.
De Spaanse politie noteerde de naam en stuurde een bericht naar Interpol. Binnen enkele uren kwam er een bevestiging terug: Nicholas Patrick Barclay, geboren 31 december 1980 in San Antonio, Texas, stond inderdaad geregistreerd als vermist persoon. Sinds 1994. Al meer dan drie jaar.
Het leek een verhaal met een gelukkig einde. Een vermist kind, teruggevonden aan de andere kant van de oceaan. De werkelijkheid was preciezer en vreemder dan wie dan ook op dat moment kon vermoeden. De jongen in die opvang was niet Nicholas Barclay. Hij was een 23-jarige Fransman genaamd Frédéric Bourdin. En hij stond op het punt om een heel gezin, de Amerikaanse autoriteiten, en de FBI maandenlang voor de gek te houden.
Om te begrijpen hoe dat mogelijk was, moet het verhaal eerst terug naar San Antonio, drie jaar eerder.
Op 13 juni 1994, toevallig de twintigste verjaardag van Frédéric Bourdin, al wist niemand dat toen, verdween de 13-jarige Nicholas Barclay uit zijn woonplaats San Antonio, Texas. Hij was die avond aan het basketballen met vrienden in de buurt van zijn huis. Zijn halfzus Carey Gibson belde hem rond halfelf 's avonds om te zeggen dat hij naar huis moest komen. Nicholas zei dat hij eraan kwam.
Hij kwam nooit thuis.
De politie van San Antonio opende een vermissingszaak, maar met beperkte urgentie. Nicholas was geen modelkind. Hij had een geschiedenis van kleine vergrijpen, spijbelen, en conflicten thuis. Zijn moeder Beverly had moeite met de opvoeding. Zijn oudere halfbroer Jason had een strafblad. De politie behandelde de verdwijning aanvankelijk als een geval van een weggelopen tiener, iemand die uit eigen beweging was vertrokken en waarschijnlijk vanzelf weer zou opduiken.
Dat gebeurde niet. Weken werden maanden. Maanden werden jaren. De zaak werd koud. Nicholas Barclay werd een naam in een database, een foto op een vermistenlijst, een dossier dat steeds verder naar de onderkant van de stapel zakte.
Drieduizend kilometer verderop, in Europa, leidde Frédéric Bourdin een heel ander leven, of beter gezegd: tientallen andere levens. Bourdin was geboren op 13 juni 1974 in Nanterre, een voorstad van Parijs. Zijn jeugd was een aaneenschakeling van instellingen, pleeggezinnen en afwijzingen. Zijn moeder kon niet voor hem zorgen. Zijn vader was afwezig. Tegen de tijd dat hij achttien was, had Bourdin ontdekt dat hij over een opmerkelijk talent beschikte: hij kon zich voordoen als iemand anders. Niet zomaar iemand. Kinderen. Tieners. Vermiste tieners.
Tussen zijn achttiende en drieëntwintigste had Bourdin zich al minstens vijftien keer voorgedaan als een minderjarige in verschillende Europese landen. Hij dook op bij jeugdopvangen in Frankrijk, Spanje, en Scandinavië, telkens met een ander verhaal, een andere naam, een ander accent. Soms hield hij het dagen vol. Soms weken. Telkens werd hij ontmaskerd, telkens begon hij opnieuw.
Wat Bourdin dreef was geen financieel gewin. Hij stal geen geld, pleegde geen inbraken. Wat hij zocht was iets moeilijker te definiëren: een plek. Een gezin. Iemand die blij was om hem te zien. In interviews die hij jaren later gaf, beschreef hij het als een honger die nooit ophield, de behoefte om ergens bij te horen, al was het op basis van een leugen.
In de herfst van 1997 bevond Bourdin zich in Spanje. Hij was weer zonder identiteit, weer zonder onderdak. Hij had een plan nodig. Daarom deed hij wat hij altijd deed: hij belde een jeugdopvang en zei dat hij een verdwaald kind was. De opvang in Linares nam hem op. De medewerkers vroegen naar zijn naam.
Bourdin had geen naam klaar. Daarom vroeg hij of hij even mocht bellen. Hij kreeg toegang tot een telefoon en belde het National Center for Missing & Exploited Children in de Verenigde Staten, een openbare database van vermiste kinderen. Hij zocht naar een profiel dat bij hem paste: een blanke jongen, tienerleeftijd, al lang vermist zodat recente foto's schaars zouden zijn.
Hij vond Nicholas Patrick Barclay. Blond haar, blauwe ogen, 13 jaar oud bij verdwijning, vermist sinds 1994 uit San Antonio, Texas. Er was één probleem, en het was niet klein: Bourdin had donker haar en bruine ogen. Hij was Frans, niet Amerikaans. Hij was 23, niet 16. En hij had een accent dat onmiskenbaar Europees was.
Toch besloot hij het te proberen.
Bourdin verfde zijn haar blond. Voor de ogen had hij geen oplossing, gekleurde contactlenzen waren niet direct beschikbaar. Daarom bedacht hij een verhaal dat de verschillen zou verklaren. Hij vertelde de medewerkers van de opvang dat hij ontvoerd was, dat zijn ontvoerders hem hadden misbruikt, dat ze zijn haarkleur hadden veranderd en dat de trauma's zijn ogen hadden aangetast. Het was een absurd verhaal. Het werkte.
De Spaanse autoriteiten namen contact op met het Amerikaanse consulaat. Het consulaat nam contact op met de familie Barclay in San Antonio. En toen gebeurde iets dat Bourdin zelf niet had verwacht: de familie wilde hem ophalen. Niet via een bureaucratisch proces van weken of maanden. Carey Gibson, de halfzus van Nicholas, boekte een vliegticket naar Spanje.
Gibson arriveerde in Linares en stond oog in oog met een man die beweerde haar halfbroer te zijn. Bourdin droeg een sjaal om zijn gezicht, zogenaamd vanwege de trauma's. Hij hield zijn hoofd gebogen. Hij sprak zacht, met een accent dat hij probeerde te maskeren als het gevolg van jaren in het buitenland.
Carey Gibson omhelsde hem en zei: "Ik ben zo blij dat je terug bent."
Op het Amerikaanse consulaat moesten documenten worden getekend. Een medewerker van het consulaat keek naar Bourdin en zag een jonge man die er niet uitzag als de foto op het vermistendossier. De oogkleur klopte niet. De leeftijd leek niet te kloppen. Het accent was vreemd. De medewerker uitte twijfels tegenover Gibson. Gibson zei dat het haar broer was. De papieren werden getekend.
Bourdin vloog met Gibson naar de Verenigde Staten. Hij landde op het vliegveld van San Antonio en werd ontvangen door de rest van de familie Barclay. Beverly, de moeder van Nicholas, was er. Jason, de halfbroer, was er. Er waren tranen. Er waren omhelzingen. Er waren camera's, een lokaal televisiestation had gehoord over de terugkeer van de vermiste jongen en was komen filmen.
Frédéric Bourdin, een 23-jarige Fransman met bruine ogen en een accent uit Nanterre, stond in de woonkamer van een gezin in Texas en werd verwelkomd als hun verloren zoon.
Lees en luister verder
Dit verhaal, en de hele bibliotheek
Met Onverteld lees en beluister je elk verhaal volledig, meteen en zonder wachten. Probeer 7 dagen alles voor € 0,99.
Liever eerst horen hoe het klinkt? Beluister twee minuten van dit verhaal.



