1964 · Stockholm, Zweden
47 Seconden Vrije Val, Haar Parachute Was Al Open Geweest
In 1964 stort een Zweedse aristocraat dood neer tijdens een parachutesprong. Zijn parachute is gesaboteerd. De zaak leidt naar een elegante ex-geliefde, een bizarre rechtszaak en een dader die altijd bleef ontkennen.

Op 18 november 2006, even na twee uur 's middags, klom een groep van vier parachutisten in een kleine Cessna 182 met blauwe strepen op het vliegveldje van Zwartberg, een voormalig mijnstadje in de Belgische provincie Limburg. Het motortje brulde, het toestel taxiede over een grasveld dat nog nat was van de ochtenddauw, en binnen enkele minuten verdween het in een strakblauwe hemel. Aan boord zat de 38-jarige Nederlandse Els Van Doren, moeder van twee kinderen, wiskundelerares op een middelbare school, en een ervaren skydiver met meer dan 2500 sprongen op haar naam. Naast haar zat de 26-jarige Belgische Els Clottemans, ook lerares, ook parachutist, ook verliefd op dezelfde man. Binnen een kwartier zou een van hen dood zijn, en de ander zou de hoofdverdachte worden in een van de meest uitzonderlijke moordzaken die Europa ooit heeft gekend.
Het verhaal van die middag begint niet in de lucht. Het begint op de grond, maanden eerder, in een liefdesdriehoek die zo verwrongen was dat zelfs de rechercheurs die hem later reconstrueerden er stil van werden.
Marcel Somers was 25 jaar oud, donkerharig, atletisch, en werkte als parachute-instructeur bij de skydivingclub Paracentrum Zwartberg. Hij was het type man dat op een vliegveld alle blikken trok, ontspannen, charmant, altijd bereid om na een sprong een biertje te drinken bij de picknicktafels naast de landingsbaan. Els Van Doren was getrouwd, had twee jonge kinderen, maar begon in 2004 een verhouding met Somers. Zij was twaalf jaar ouder dan hij. De relatie was een publiek geheim op het vliegveld; iedereen in de kleine, hechte skydivegemeenschap wist ervan.
Els Clottemans wist er ook van. Zij had namelijk zelf een relatie met Somers gehad. De twee vrouwen kenden elkaar, sprongen regelmatig samen, deelden dezelfde lucht en dezelfde man. Clottemans was stil, introvert, en volgens latere psychiatrische rapporten emotioneel instabiel. Zij leed aan depressies en had eerder een zelfmoordpoging ondernomen. De breuk met Somers had haar diep geraakt, maar wat haar nog dieper raakte was het feit dat hij haar had ingeruild voor Van Doren, een vrouw die ouder was, getrouwd was, en toch de voorkeur kreeg.
In de maanden voor november 2006 verslechterde de situatie. Clottemans stuurde jaloezie-geladen berichten. Zij schreef brieven waarin zij klaagde over Van Dorens aanwezigheid. Zij verscheen op het vliegveld op dagen dat zij wist dat Van Doren er zou zijn, en bleef op de achtergrond toekijken. De spanning was voelbaar, maar niemand greep in. Op een vliegveld waar mensen voor de lol uit vliegtuigen springen, leek een liefdesdriehoek een tamelijk aards probleem.
Die zaterdag in november was het helder weer. De zon stond laag maar scheen fel, de temperatuur lag rond de 8 graden, en er stond nauwelijks wind, perfecte omstandigheden voor een sprong. Van Doren arriveerde 's ochtends op het vliegveld met haar eigen uitrusting: een zwart-geel springpak, een witte helm met daarop een kleine videocamera gemonteerd, en haar parachutezak, een bruine, licht versleten tas waarin zowel het hoofdscherm als het reservescherm zaten, netjes ingepakt volgens protocol. Zij zette haar spullen neer bij de picknicktafels naast de hangar, waar lege flesjes en laarzen van eerdere springers stonden. Daarna liep zij naar de briefing.
Clottemans was er ook. Zij had zich ingeschreven voor dezelfde sprong.
Het vliegtuig steeg op rond 14.00 uur. De Cessna klom langzaam, het motortje gierde, en de vier parachutisten zaten dicht op elkaar in de krappe cabine. Door de kleine raampjes was het Belgische platteland zichtbaar, groene weilanden, boerderijen, de kerktoren van Opglabbeek in de verte. Op 4000 meter hoogte gaf de piloot het teken. De deur ging open. De wind gierde naar binnen.
Van Doren sprong.
Wat er daarna gebeurde, werd vastgelegd door de camera op haar eigen helm, beelden die later in de rechtszaal zouden worden getoond en die de jury zichtbaar deden schrikken.
In de eerste seconden van de vrije val leek alles normaal. Van Doren lag plat op haar buik in de klassieke skydivepositie, armen gespreid, benen licht gebogen. De wind trok aan haar pak met een constant, diep gezoef. Onder haar draaide het landschap langzaam, een lappendeken van akkers en wegen, scherp in het heldere novemberlicht. Clottemans sprong kort na haar en bevond zich iets hoger.
Na ongeveer vijf seconden trok Van Doren aan het koord van haar hoofdparachute. Het koord kwam los, maar er gebeurde niets. Geen scherm dat zich ontvouwde, geen ruk aan haar schouders, geen plotselinge vertraging. Zij viel door. Op de beelden is zichtbaar hoe zij haar rechterhand naar haar rug bracht, naar de plek waar het scherm had moeten uitklappen, en begon te trekken en te graaien. Haar benen begonnen te trappelen. Haar lichaam draaide van de stabiele buikpositie naar een meer chaotische houding, zij probeerde zich om te draaien om bij de uitrusting op haar rug te komen.
Een ervaren parachutist die merkt dat het hoofdscherm faalt, schakelt over op het reservescherm. Dat is een gedrild protocol, honderden keren geoefend. Van Doren deed precies dat. Zij greep naar de handle van het reservescherm, een metalen ring aan de linkerkant van haar harnas, en trok. Opnieuw gebeurde er niets. Geen scherm. Geen lijnen die zich ontsponnen. Geen redding.
Op de helmcamerabeelden is te zien hoe Van Doren nu met beide handen aan haar uitrusting rukte. Haar bewegingen werden sneller, heftiger, wanhopiger. De wind gierde om haar heen met een geluid dat steeds hoger werd naarmate haar snelheid toenam. Zij viel nu met ongeveer 190 kilometer per uur, de terminale snelheid van een menselijk lichaam in vrije val. Het landschap onder haar werd groter, scherper, dichterbij. De akkers kregen textuur. De bomen kregen individuele takken. De daken van huizen werden zichtbaar.
Zij spartelde. Zij trok. Zij vocht.
Het duurde naar schatting vijftig tot zestig seconden van het moment dat zij uit het vliegtuig sprong tot het moment van de inslag. Vijftig tot zestig seconden waarin een vrouw met 2500 sprongen ervaring alles deed wat zij had geleerd, alles probeerde wat menselijkerwijs mogelijk was, en niets werkte. Niet omdat zij fouten maakte. Maar omdat iemand, voor de sprong, met een scherp voorwerp, vermoedelijk een kleine schaar, zorgvuldig de lijnen van zowel haar hoofdscherm als haar reservescherm had doorgeknipt.
De snijranden waren schoon. Geen rafels, geen slijtage, geen materiaalvermoeidheid. Klinisch, precies werk. Iemand had de parachutezak geopend, de lijnen doorgesneden, en de zak weer dichtgemaakt, zo netjes dat Van Doren bij het oppakken van haar uitrusting niets had gemerkt. Zo netjes dat zelfs een ervaren skydiver bij een visuele inspectie niets zou hebben gezien. Het was het werk van iemand die exact wist hoe een parachute in elkaar zat.
Els Van Doren sloeg in in een tuin in het dorp Opglabbeek, op enkele kilometers van het vliegveld. De klap was zo hard dat omwonenden hem hoorden. Zij was op slag dood.
Op het vliegveld zelf stond Wally Elters, een vliegtuigmonteur, boven op een toestel te werken toen hij beneden iemand hoorde schreeuwen. Hij keek op en zag een donkere figuur uit de lucht vallen, zonder scherm, zonder vertraging, recht naar beneden. "Ik keek op en zag een zwarte vlek snel naar beneden storten," verklaarde hij later. "Het kronkelde, het was duidelijk een mens. Het was een afschuwelijk moment."
De eerste reactie op het vliegveld was ongeloof. Parachuteongelukken komen voor, maar ze zijn uiterst zeldzaam bij ervaren springers. Een dubbele storing, zowel hoofdscherm als reservescherm, is statistisch bijna onmogelijk. De kans dat beide systemen tegelijk falen door een technisch defect wordt geschat op minder dan één op een miljoen. Toch was de eerste aanname een ongeluk. Misschien een verpakkingsfout. Misschien een productiefout in de lijnen. Misschien pech.
De politie van Limburg arriveerde binnen het uur. Zij troffen Van Dorens lichaam aan in de tuin, haar zwart-gele springpak nog intact, haar witte helm met de camera er nog op. De parachutezak lag naast haar, de inhoud deels uitgespreid over het gras. Een rechercheur, later zou hij verklaren dat hij zelf geen ervaring had met parachutes, liet de uitrusting verzamelen en naar het forensisch lab brengen.
Daar begon het verhaal te kantelen.
Lees en luister verder
Dit verhaal, en de hele bibliotheek
Met Onverteld lees en beluister je elk verhaal volledig, meteen en zonder wachten. Probeer 7 dagen alles voor € 0,99.
Liever eerst horen hoe het klinkt? Beluister twee minuten van dit verhaal.



